|

De flora op De Hoge Veluwe is zeer bijzonder. Door de grote variatie in landschappen is er een groot aantal plantensoorten te vinden. Naast dennenbossen, loofbossen en gemengde bossen is er ook een groot jeneverbessenbos. Er is natte en droge heide. Er zijn vennen en plassen, maar ook zandverstuivingen en uitgestoven laagten. In iedere biotoop zijn interessante planten te vinden. Bij inventarisaties zijn in de laatste vijf jaar bijna 500 plantensoorten aangetroffen. Mossen, korstmossen en paddestoelen zijn hierbij niet eens meegeteld. Van die gevonden planten zijn er veel die in ons land zeldzaam en bedreigd zijn in hun voortbestaan. Hieronder leest u over enkele van de bijzondere planten van het Park.
Jeneverbes De jeneverbes (Juniperus communis) is een wettelijk beschermde soort. De boom of struik met zijn prikkende naalden levert kleine blauwzwarte vruchtjes, die al in de 16e eeuw gebruikt werden bij het stoken van alcohol uit graan: jenever. De vruchtjes (jeneverbessen) zijn pas na 2 ŕ 3 jaar rijp voor consumptie. De jeneverbessen groeien vaak in grote aantallen bij elkaar en vormen zo een jeneverbessenbos. In de 19e eeuw ontstonden op de heide door overbeweiding van schapen open plekken waar de jeneverbessen massaal tot ontkieming konden komen.
Klein warkruid Op jonge planten van struikheide kun je soms het klein warkruid (Cuscuta epithymum) aantreffen. Een vreemde plant met een grote hoeveelheid warrige draden, daarom ook wel duivelsnaaigaren genoemd. Klein warkruid parasiteert op struikheide. Het haalt water en voedingsstoffen uit de stengels van de struikheide.
Zonnedauw
Dankzij de vochtige terreinen van De Hoge Veluwe komt er ook zonnedauw (Drosera) voor. Het zijn kleine plantjes met op de blaadjes rode haren, die aan het eind een glinsterend druppeltje hebben. Kleine insecten voelen zich hierdoor aangetrokken, maar worden door het kleverige vocht vastgehouden en door het omrollende blad ingesloten. Met behulp van door de zonnedauw geproduceerde sappen worden de zachte delen van het insect verteerd. Op die manier betrekt zonnedauw voor de plant noodzakelijke stoffen aan insecten.
Kleine schorseneer De kleine schorseneer (Scorzonera humilis) behoort tot de zeldzaamste planten van Nederland. Gelukkig kan hij op de Hoge Veluwe nog op enkele plaatsen worden gevonden. De niet-plantenkenner verwart de kleine schorseneer al gauw met de paardenbloemen.
Klokjesgentiaan
De klokjesgentiaan (Gentiana pneumonanthe) is een plant van de vochtige heide en is in ons land wettelijk beschermd. Op de Hoge Veluwe komt hij nog op verschillende plaatsen voor. De plant heeft prachtige blauwe bloemen. Soms is de samenhang en de onderlinge afhankelijkheid in de natuur erg ingewikkeld. Dit blijkt ook uit het verhaal achter de klokjesgenitiaan. Deze bloem heeft een bijzondere relatie met een vlinder, het gentiaanblauwtje, en die op zijn beurt weer met mieren. Uit het eitje dat door de vlinder op de bloem wordt afgezet, komt een zeer klein rupsje dat zich voedt met delen van de bloem. Als het een paar millimeter groot is laat het zich op de grond vallen. Voor verdere ontwikkeling moet het dan door bepaalde miersoorten (knoopmieren) worden meegenomen naar het mierennest. Daar levert het rupsje zoete stoffen voor de mieren maar eet zelf (ongemerkt?) van het mierenbroed. Na de verpopping komt de vlinder uit de pop en verlaat snel het nest. |